Terug

 


Ik ben jouw God (8)

 

Ik de Heere

ben jouw God,

luister dan

naar mijn gebod:

 

Wanneer ik zeg,

je zult niet stelen,

zit daarin opgesloten

het helen,

want het bezit

dat van een ander is,

mag je niet onrechtmatig,

of met schijn van recht,

je eigendom gaan noemen.

 

Op woekerwinst

of vals gewicht,

geef Ik geen zegen,

daarin is de liefde

tot je naaste, niet gelegen,

ook alle gierigheid

en verkwisting

van wat Ik je heb gegeven,

sta Ik niet toe in jouw leven.

 

De materiële zaken

die jouw leven raken,

heb Ik aan jou gegeven,

om Mij daarmee te eren.

Je moet het zo beheren,

dat jouw liefde

zichtbaar wordt,

voor Mij,

en hen die naast jou leven,

ver weg of meer dichtbij.