Terug


Gebedsverhoring 

 

Ze zit ineengedoken voor het raam

haar ogen afgewend en strak gericht

op het pad of is ’t de levenslaan.

Een diepe plooi in haar gezicht.

 

Haar zoon is van haar heengegaan

ik kan het niet begrijpen

moeilijk zijn Gods wegen te verstaan

hij kon nog zoveel taken krijgen.

 

Plotseling werd hij toen ernstig ziek

zij heeft voor hem zoveel gebeden

totdat zijn geest het lichaam achterliet

waarin hij moedig had gestreden.

 

Ze zit ineengedoken voor het raam

ik probeer haar blik te vangen

en zie in elke oog een traan

maar ook een diep verlangen.

 

Mijn keel zit dicht ik kan niets zeggen

de stilte is een deken om ons heen

voor haar hóef ik niks uit te leggen

ze legt haar handen op mijn been.

 

Dan spreekt zij het verlossend woord.

Ach kind, hij is nu toch genezen

God heeft mij wel verhoord

al moest het ànders wezen.