Avondmaal.
U hebt uw
tafel
klaargemaakt
voor mensen
zondig en
onrein,
om met het
teken
dat u geeft
in brood en
wijn,
gesterkt te
worden
in ’t geloof.
Ik mag nu gaan
met vaste
schreden,
Jezus gaat
vooraan,
en al mijn
zonden
die ik heb
beleden,
heeft Hij
geworpen
in de diepten
der
vergetelheden.
Mijn twijfels
worden
overwonnen.
Door het Woord
zijn alle
bronnen,
levende
fonteinen.
Zo geeft Hij
aan de zijnen
Levend Water.
En Jezus zegt:
neem het brood
en drink de
wijn.
Weest gesterkt
in het geloof
dat ook u,
Gods kind
mag zijn.
|
|
 |