Terug


God geeft levensbrood
 
De bontgekleurde adelaar komt aangevlogen
zijn grote vleugels wijd gespreid
een cederhoutje heeft hij neergebogen
een zaadje op de aard gespreid
 
en tussen wilgen groeit het voort
tot wijnstok die de aarde vulde
met een wortel die de grond doorboort
zo bracht hij de adelaar zijn hulde
 
maar plots daar in de hoge luchten
een vreemde adelaar komt nu gevlogen
de ranken van de wijnstok zie ik vluchten
hebben zich naar hem gebogen
 
de wijnstok is geplant maar zal straks sterven
wie God verlaat, hem wacht de dood
maar wie Hem trouw is zal zijn schatten erven
want hij krijgt van Hem levensbrood.
 
Naar Ezechiël 17:1-10