I
k kan niet zonder water,
ik kan niet zonder brood,
u wilt het mij steeds
geven,
u redt mij van de dood.
U bent het levend water,
de bron die altijd lest,
geef dat ik mij wil laven,
dan heb ik nooit meer
dorst.
Uw woord is kostbaar
voedsel,
ik heb het nodig Heer,
leer naar uw woord te
luist’ren,
opdat ik u steeds eer.
Wilt u mij onderwijzen,
en sterken in ’t geloof,
‘k ben dan bij u geborgen,
tot aan het morgenrood.
melodie: Nu daagt het
in het oosten.