Terug

 


Vijf broden en twee vissen.

 

Vijf broden en twee vissen

was alles wat Hij had

en een grote schare mensen

die naar Hem te luist’ren zat

 

De avond ging al komen

straks zou het donker zijn

het was geen tijd voor dromen

ze hadden honger groot en klein.

 

Hoe moesten zij hen allen

voorzien van daag’lijks brood

voor al die duizendtallen

geen bakker die ‘t hier bood.

 

Vijf broden en twee vissen

was alles wat Hij vroeg

niemand zou iets missen

er was voor iedereen genoeg.

 

Twee vissen en vijf broden

wie op de Heer vertrouwt

redt Hij uit alle noden

omdat Hij van ze houdt.